2 November Allerzielen

Allerheiligen en Allerzielen zijn als twee kanten van een medaille. Met Allerzielen gedenken we onze overledenen, hen die -ons hoe dan ook- dierbaar zijn en blijven. Door ons hen te herinneren houden we in ons hart de band levend. Tegelijk beseffen we dat de dood bij het mysterie van het leven hoort. Als gelovige mensen weten we dat zij met Christus door de dood naar een nieuw leven zijn overgegaan. Dat zij thuis zijn gekomen voorgoed bij de Vader van alle Leven.

De zalige Christian de Chergé, één van de vermoorde monniken van Algerije, schrijft hierover het volgende.

Vandaag worden we uitgenodigd om het gelaat van ellende en lijden, van veroudering en dood te bekijken dat we maar al te goed kennen. Van wie is deze beeltenis van de dood?

Op het gelaat van elk van ons, dat reeds gemerkt is met de weerschijn van stof. Het verwijst mij naar mijzelf. En ik weet dat ik de andere kant van de medaille niet kan bereiken zonder mij op mijn beurt te laten verstarren op deze kant, die zo menselijk en misvormend tegelijk is. De verlaten en onherbergzame kant, de ijzige kant van de maan.

Van wie is deze beeltenis van de dood? Het heilig Aanschijn van Jezus Christus. Sinds we het hebben aanschouwd op het Kruis, kunnen we antwoorden met het geloof van de honderdman, en van elk van onze overledenen getuigen: “Die was waarlijk zoon – dochter van God.”

Wonderbaar mysterie van eenheid met die Mensenzoon die door de dood heenging om ons het beste van God te openbaren. De God die de mens niet kan zien zonder te sterven.

Wanneer de liefde zich meester maakt van de dood, wordt het leven getransfigureerd.

Als we voortaan de dood in de ogen kijken, vergeten we al onze wederwaardigheden.

We worden als het ware van de aarde opgeheven, en bereid alles te belijden dat ons weerhoudt op de terugweg naar huis.

Van wie is deze beeltenis van het leven? Het is de beeltenis van God zelf, op het gelaat van elk van ons. En wanneer de dood zich vereenzelvigt met de adem die men het laatst uitblaast laat ze zich volledig inademen door die andere Adem die murmelt: “Kom naar de Vader”!