Christus geboren, zingt Hem lof!

Zeven dagen lang zongen we de O-antifonen: ‘O Wijsheid, O Adonai, O Wortel van Jesse, O Sleutel van David, O Morgenster, O Koning, O Emmanuel…. ‘ En zo trokken we zingend door de heilsgeschiedenis van het Oude Testament, geleid door de profeten, intens verlangend naar de komst van de Heer: ‘O, kom ons nabij en maak ons vrij!’ Bij de laatste antifoon gekomen vormden de eerste letters in het Latijn de woorden ‘Ero cras, Morgen zal Ik er zijn’, een zingend samenspel tussen God en mens. En gisteren zongen we: ‘Heden nog zult gij weten dat de Heer komt en morgen zult ge zijn glorie aanschouwen!’ Hij daalt af in onze tijd, in onze geschiedenis en realiteit.

Toen werd het stil. Het heelal en heel de schepping hielden de adem in en in die diepe duisternis en stilte van de nacht klonken de eerste woorden van de Kerstnachtwake: ‘Toen een diepe stilte het heelal omgaf, en de nacht was voortgeijld tot uw lichtglans openbrak, is het alvermogend Woord, God van eeuwigheid, als de Mensenzoon onder ons verschenen….’

De grote dingen gebeuren in de stilte en het duister van de nacht…

Vanuit die diepe stilte sprak God: ‘Jij bent mijn Zoon, heden heb Ik jou verwekt.’ God werd mens, God werd lichaam en kreeg een naam: Jezus, God redt. Jezus, een kind ons geboren, een arm en weerloos mensenkind met een kwetsbaar lichaam, dat verdriet zou ervaren en pijn zou lijden, maar dat ook kon lachen, dansen en zingen!


Reeds in de schoot van zijn moeder werd Hij omhuld met gezang. Hij had haar al horen zingen toen zij haar danklied, haar Magnificat zong bij de ontmoeting met Elisabeth, die ook zwanger was van Johannes die op dat moment van vreugde opsprong in haar schoot. En ongetwijfeld zong Maria ook psalmen voor Hem en andere Joodse liedjes.

Nauwelijks was Hij geboren of de hemel ging open en het heelal werd vervuld van engelengezang: ‘Eer aan God in den hoge….en vrede op aarde aan de mensen die Hij liefheeft…’ Ook de herders in het veld zongen hun liederen bij de stal. En Maria en Jozef zongen ongetwijfeld mee en zij zongen wiegeliedjes voor Hem.
Deze nacht waarin Jezus geboren werd was een liturgisch gebeuren waarbij volop gezongen werd…..’In de hemel is vreugde, de aarde zingt mee, het is feest op het veld en bij al wat daar leeft’ (psalm 96).En ook wij delen in die vreugde, zingen mee en sluiten ons aan bij deze liturgie van die eerste kerstnacht. We houden haar levend, altijd opnieuw, altijd nieuw: ‘Zingt nu de Heer een nieuw lied, zingt de Heer, aarde alom!’ En met psalm 98: ‘Zingt voor de Heer een nieuw lied, want wonderen heeft Hij gedaan!’

Het eigenlijke gebeurt in de stilte van de nacht…

Stille nacht, heilige nacht……Maar dan wordt het licht, stralend licht en gezangen weerklinken overal. Niet meer ‘O kom, o kom Emmanuel’, maar ‘HEDEN is ons een redder geboren. HODIE Christus natus est…
Ook wij zingen iedere morgen in deze Kersttijd: ‘Licht straalt HEDEN over ons, de Heer is geboren.’ Iedere nieuwe dag is Heden en alleen in het heden, in het nu, is Hij te vinden, ook in het lijden, in de lijdende medemens, in de arme, in de schepping die lijdt. Hij is onze hoop, Hij is onze vrede.

Christus zal ook in ieder van ons geboren worden, wanneer wij de onvoorwaardelijke Liefde van God in ons hart toelaten en steeds meer de mens worden die wij ten diepste zijn en die Hij van eeuwigheid voor ogen had.
Isaac van Stella, een cisterciënzer abt in de 12de eeuw, verwoordde het als volgt: ‘Moge Christus, reeds in jou gevormd, groeien en immens groot worden in jou, een lach, een jubelzang, een volheid van vreugde die niemand je ontnemen kan.’
Zingend worden wij dan omgevormd, groeien wij steeds meer naar Hem toe en naar elkaar en worden wij samen steeds meer LICHAAM VAN CHRISTUS, één in verscheidenheid.

ZALIG KERSTFEEST!

Illustraties: Kleibeeldjes uit Zuid Amerika van Juan Sandoval naar Indiaanse traditie (‘Storytellers’)