Na een toegewijd leven van dienstbaarheid en toeleg op het gebed en de Heilige Schrift is onze geliefde medezuster, zuster Emmanuel, op 12 mei naar haar Schepper teruggekeerd.

Lees hier het volledige overlijdensbericht.

Pasen

De Verrijzenis van de Heer is
de meest evidente,
de diepste,
de meest ontroerende
en de meest bewonderenswaardige bevestiging
van de eeuwige wil van God.
God wil dat alles leven is in ons,
vrijheid, verhevenheid, grootheid en vreugde.
De Blijde Boodschap van de verschijningen van de Heer
kan geheel ons leven radicaal omgooien.
Ze roept ons op om op onze beurt
de dood tegemoet te gaan,
terwijl wij deze in ons met wortel en al uitroeien
door ons leven te maken tot één offergave van liefde.

Maurice Zundel

De grote plechtigheden in de Goede Week

Witte Donderdag, 14 april, 16.30 uur: Avondmis waaronder Mandatum

Op Witte Donderdag herdenken we het Laatste Avondmaal van Jezus met zijn leerlingen. Tijdens de plechtige viering vindt ook de voetwassing plaats, zoals Jezus het heeft voorgedaan bij het Laatste Avondmaal toen hij de voeten van zijn leerlingen heeft gewassen. De voetwassing begint met het zingen van de tekst ontleend aan het Johannes-evangelie (Joh. 13:34): ‘Ik geef u een nieuw gebod, zegt de Heer. Dat gij elkander liefhebt, zoals Ik u heb liefgehad.’ Naar de latijnse tekst (Mandatum novum do vobis..) wordt voor het ritueel van de voetwassing de term mandatum gebruikt.

Goede Vrijdag, 15 april, 15.00 uur: Plechtigheid van de dag

Tijdens de viering van Goede Vrijdag herdenken we het lijden en sterven van de Heer. We lezen het lijdensverhaal uit het Johannesevangelie, we spreken de plechtige voorbeden uit en we vereren het kruis waaraan Jezus, de redder van de wereld, heeft gehangen.
De viering begint met stil gebed, terwijl de voorganger en de communiteit zich enige tijd plat ter aarde werpen.

Paasmorgen, 17 april, 04.30 uur tot ongeveer 06.30 uur: Paaswake

De viering bestaat uit vier grote onderdelen:

  1. De Plechtige opening of Lichtritus. Het nieuwe vuur wordt gezegend en de Paaskaars wordt ontstoken. Na de lichtprocessie wordt de Paasjubelzang ingezet met de woorden: ‘Laat juichen, heel het hemelkoor van engelen! Laat juichen om die grote Koning, juichen om de overwinning: Christus, het Leven, is opgestaan!’
  2. De dienst van het Woord. We horen de lezingen uit het Oude en het Nieuwe Testament over de Schepping, over de Uittocht uit Egypte, over het nieuwe verbond van God met de mensen en over de opstanding uit de dood.
  3. Viering van het doopsel. We hernieuwen onze doopbeloften en spreken ons geloof uit.
  4. Viering van de Eucharistie.

Aan het einde van de viering loven we God zingend met de uitbundige woorden van psalm 150.

Het overzicht van alle vieringen tijdens het Heilig Triduum vindt u hier.

Je mening telt

Beste bezoeker van onze digitale abdij,

Paus Franciscus heeft de hele kerk uitgenodigd om naar elkaar te luisteren. Voor hem is dit een aanzet van een proces dat vitaliteit en leven aan de kerk kan geven. Dit noemen we een synodale proces. Iedereen is uitgenodigd om mee te doen. Wij en jij ook.
Daarom horen we graag  je mening  op het volgende :

  • Welke rol heeft  onze monastieke communiteit voor jou en voor de kerk?
  • Wat verwacht je van onze monastieke communiteit?

Stuur je reactie op naar receptie@koningsoord.org. Je mag deze mail ook verder doorsturen.

Dank en alle goeds

Zusters van Koningsoord.

Nachtelijk waken

Deze nacht verscheen de genade van God
bron en heil voor alle mensen
in Jezus, kind van Bethlehem
zoon van mensen zoon van God
vervulde Davids belofte
stralend Licht dat elk duister breekt.
Sterke God die zo afdaalt
geheel weerloos ons wekt ten leven
uit slapend geautomatiseerd bestaan.
Alleen als ik mijn kudde nachtelijk bewaak
buiten het gevestigd patroon
kan een engel Gods mij raken
in hart en nieren
iets volkomen nieuws aankondigen
ongehoord goddelijk.
Alleen wie waakt in de nacht
het duister niet vlucht op de bres blijft staan
de schat van zijn hart behoedt
te midden van chaotisch geweld
hij ziet het dagen zijn wachten vervuld.
Een engel stoot hem aan
nieuw licht, nieuw geluid
vreugdevolle boodschap
een kind geboren
hier in barre verlatenheid
in jouw eenzaamheid.
Een kind dat definitief
iedere nacht verscheurt
tot Gods vrede.
Ga, zoek, vind
het Kind en zijn Moeder!
Je wordt verwacht!

8 December Maria Onbevlekt Ontvangen

In die tijd werd de engel Gabriël van Godswege gezonden naar een stad in Galilea, Nazaret, tot een maagd die verloofd was met een man die Jozef heette, uit het huis van David; de naam van die maagd was Maria. De engel trad bij haar binnen en sprak: ‘Verheug u, Begenadigde, de Heer is met u, gij zijt de gezegende onder de vrouwen.’ Zij schrok van dat woord en vroeg zich af wat die groet toch wel kon betekenen.

Maar de engel zei tot haar: ‘Vrees niet Maria, want gij hebt genade gevonden bij God. Zie, gij zult zwanger worden en een zoon ter wereld brengen en gij moet Hem de naam Jezus geven. Hij zal groot zijn en Zoon van de Allerhoogste genoemd worden. God de Heer zal Hem de troon van zijn vader David schenken en Hij zal in eeuwigheid koning zijn over het huis van Jakob en aan zijn koningschap zal nooit een einde komen.’ Maria echter sprak tot de engel: ‘Hoe zal dit geschieden daar ik geen man beken?’

Hierop gaf de engel haar ten antwoord: ‘De heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; daarom ook zal wat ter wereld wordt gebracht heilig genoemd worden, Zoon van God. Weet dat zelfs Elisabet, uw bloedverwante, in haar ouderdom een zoon heeft ontvangen en, ofschoon zij onvruchtbaar heette, is zij nu in haar zesde maand; want voor God is niets onmogelijk.’ Nu zei Maria: ‘Zie de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar uw woord.’ En de engel ging van haar heen. (Lucas 1:26-38)

28 November Eerste zondag van de Advent


Uit de liturgie bij de opening van de Advent:

De Engel Gabriël werd door God gezonden naar Nazareth,
tot een Maagd, verloofd met Jozef, uit het Huis van David,
en de naam van de Maagd was Maria.

Hij trad bij haar binnen en sprak:

Verheug U, Begenadigde, de Heer is met U. Gij hebt genade gevonden bij God.

Vrees niet, Maria, de heilige Geest zal over U komen
en gij zult een Zoon ontvangen, die gij de Naam Jezus moet geven.

Verheug U, Begenadigde, de Heer is met U. Gij hebt genade gevonden bij God.

Hij zal groot zijn en Zoon van de Allerhoogste heten
God de Heer zal Hem de troon van David schenken
en Hij zal heersen over Jacobs Huis in eeuwigheid.

Verheug U, Begenadigde, de Heer is met U. Gij hebt genade gevonden bij God.




22 November Christus Koning van het Heelal

Met dit feest dat gevierd wordt op de laatste zondag van het kerkelijk jaar, is de liturgische jaarkring rond. Daarbij is het voor onze Abdijgemeenschap, die woont in het Oord van de Koning, ook nog eens naamfeest.

Jezus is Koning. Het is zijn eigen woord, gesproken tot Pilatus, als antwoord op zijn vraag of Hij, Jezus, de Koning der Joden is. In deze uitspraak komen de ‘Ik ben’- woorden van Jezus in het Evangelie volgens Johannes samen. Bijvoorbeeld: Ik ben het Licht der wereld, de Weg, de Waarheid en het Leven, de Verrijzenis en het Leven, de goede Herder. ‘Ik ben die is’, is de Godsnaam, geopenbaard aan Mozes in het brandende braambos (Ex. 3, 14). Jezus toont hiermee dat Hij het evenbeeld is van God (Hebr. 1, 3) en gezalfd met zijn Kracht. Jezus de Christus, vol van de Geest. Deze kracht die de onbaatzuchtige Liefde zelf is, schenkt Jezus ons tot heil, onze ware vrijheid. Hiermee laat Hij ons zien wat de werkelijkheid van God is. Jezus verlangt ieder mens, geschapen naar zijn beeld en gelijkenis, te genezen tot het leven dat van God komt, het leven dat Hij zelf is. Het Leven waarvan heel de Schepping straalt als wij dat willen zien.

Maar wij zijn kwetsbare mensen, gebroken, ronddolend in het duister op zoek naar licht, verstrikt in illusies van schone schijn en zelfzekerheid. Want we zijn de weg ten leven kwijt. Jezus de onbaatzuchtige Liefde zelf, de Barmhartige, is solidair met ons wel en wee ten einde toe. Hij doorziet ons gekwelde hart, ons tastend verlangen. Hij neemt deze ellende, deze dood op zich. Uit liefde, geheel vrij, sterft Hij deze dood, wordt de macht van de dood (en onze ellende) gebroken en kunnen we uit de kracht van de Geest opstaan ten Leven. Zo is Hij ons Paaslam, de Gekruisigd- Verrezene die voor ons de toegang tot de Vader heeft ontsloten.

Deze Liefde is niet van deze wereld. In mensen die zich hieraan overgeven, die hun hart laten zuiveren en goed worden als God, komt het Rijk van God aan het licht in deze wereld. Want dit rijk is midden onder ons, het is in ons.

En wij die mogen leven in het oord van deze Koning? Als gemeenschap zijn we geroepen om de barmhartigheid van de Heer te ontvangen, er ons aan toe te vertrouwen en elkaar hierin tot steun te zijn. Om te groeien in die onbaatzuchtige Liefde, die ons vernieuwt van dag tot dag. Om met de ogen van een gezuiverd hart, de ogen van Jezus zelf, om te zien naar elkaar, naar ieder die ons pad kruist. Het alledaagse leven van gebed, lectio en arbeid is de School van Liefde, waarin we leerling mogen zijn, een leven lang.

2 November Allerzielen

Allerheiligen en Allerzielen zijn als twee kanten van een medaille. Met Allerzielen gedenken we onze overledenen, hen die -ons hoe dan ook- dierbaar zijn en blijven. Door ons hen te herinneren houden we in ons hart de band levend. Tegelijk beseffen we dat de dood bij het mysterie van het leven hoort. Als gelovige mensen weten we dat zij met Christus door de dood naar een nieuw leven zijn overgegaan. Dat zij thuis zijn gekomen voorgoed bij de Vader van alle Leven.

De zalige Christian de Chergé, één van de vermoorde monniken van Algerije, schrijft hierover het volgende.

Vandaag worden we uitgenodigd om het gelaat van ellende en lijden, van veroudering en dood te bekijken dat we maar al te goed kennen. Van wie is deze beeltenis van de dood?

Op het gelaat van elk van ons, dat reeds gemerkt is met de weerschijn van stof. Het verwijst mij naar mijzelf. En ik weet dat ik de andere kant van de medaille niet kan bereiken zonder mij op mijn beurt te laten verstarren op deze kant, die zo menselijk en misvormend tegelijk is. De verlaten en onherbergzame kant, de ijzige kant van de maan.

Van wie is deze beeltenis van de dood? Het heilig Aanschijn van Jezus Christus. Sinds we het hebben aanschouwd op het Kruis, kunnen we antwoorden met het geloof van de honderdman, en van elk van onze overledenen getuigen: “Die was waarlijk zoon – dochter van God.”

Wonderbaar mysterie van eenheid met die Mensenzoon die door de dood heenging om ons het beste van God te openbaren. De God die de mens niet kan zien zonder te sterven.

Wanneer de liefde zich meester maakt van de dood, wordt het leven getransfigureerd.

Als we voortaan de dood in de ogen kijken, vergeten we al onze wederwaardigheden.

We worden als het ware van de aarde opgeheven, en bereid alles te belijden dat ons weerhoudt op de terugweg naar huis.

Van wie is deze beeltenis van het leven? Het is de beeltenis van God zelf, op het gelaat van elk van ons. En wanneer de dood zich vereenzelvigt met de adem die men het laatst uitblaast laat ze zich volledig inademen door die andere Adem die murmelt: “Kom naar de Vader”!